Het karakter van de Appenzeller is gevormd door het gebruik voor het werk. Zij moesten zelfstandig het vee hoeden en drijven en zullen daarom graag het voortouw nemen. Door hun lichaamsbouw zijn deze honden uiterst wendbaar.Het is een hof- en erfhond, goed honkvast en waaks en wil hij huis en hof beschermen tegen indringers.

Het ras is zeer temperamentvol, slim en alert en heeft een groot uithoudingsvermogen. Met zijn typische, doordringende blaf, al kwispelend en het liefst hoog springend, toont hij zijn stormachtig temperament. Een hond met vele mogelijkheden, die het liefst de hele dag in het "werk" wordt betrokken, dat kan variëren van bedden opmaken en aardbeien plukken tot veedrijven, om maar een paar voorbeelden te noemen. In de hondensport zijn er tal van mogelijkheden om zijn werklust te bevredigen. Een Appenzeller is ongeschikt als kennelhond.
 
Een zeer typische eigenschap van de Appenzeller is een zekere mate van wantrouwen tegenover vreemden. Voor eigen mensen en bekenden absoluut niet. Deze eigenschap maakt dat de Appenzeller niet zonder meer geschikt is voor iedereen.
 
Al met al weet deze Appenzeller met zijn olijke uitdrukking en krulstaart, tezamen met zijn temperament, zich gemakkelijk een hoge plaats in de roedel te verschaffen.
Een Appenzeller heeft daarom een baas nodig, die zich bewust is van hondengedrag en die goed kan observeren. In de opvoeding kan men het gewenste gedrag dat de hond toont, belonen en verder ontwikkelen. Het is beter ongewenst gedrag te negeren of op een andere rail te zetten. Dus proberen af te leiden en tot gewenst gedrag omturnen, het liefst spelenderwijs. Zo ontstaat een geweldige band en zal de Appenzeller voor je door het vuur gaan.

Voor de een zal dit betekenen dat de opvoeding in het dagelijkse werk meegenomen kan worden, maar voor de ander eist dit een op regelmatige tijden gericht bezig zijn met de hond. Hoeveel tijd dat kost, varieert van hond tot hond.

LET WEL! Met een harde aanpak bereikt men absoluut niet het gewenste resultaat. Een omgeving waar overdag niemand thuis is, is volkomen ongeschikt voor een Appenzeller.
 
 
Bron: www.sennenweb.nl
Bandit Citta von Bännlifluh Balou Brando Floris Laresheems' Bhodi Aido Aykos von Gelor